Zoeken

Voetreis door het Saarland PDF Afdrukken E-mailadres

Een voetreis door het Saarland.

Column voor Rotary Minerva september 2013

 

Vrienden,

Toen een van jullie een klein half jaar geleden vroeg of het niet iets voor mij zou zijn om me te voegen bij de Wandergruppe Minerva die dit jaar naar het Saarland zou gaan, was ik eerlijk gezegd een beetje verbaasd en argwanend beide.  Verbaasd, omdat het me deed denken aan al die keren dat ik als kleine jongen gevraagd werd mee te doen met het potje straatvoetbal dat de oudere kinderen speelden. Ik was immers een paar jaar jonger, en bovendien kon ik niet voetballen.

Zo ook deze uitnodiging. Ik was immers een paar jaar jonger dan de harde kern van de Wandergruppe Minerva en bovendien kon ik niet wandelen. Zou het eigenlijk net zo zijn als vroeger, bij het straatvoetbal, dat ik gekozen werd bij gebrek aan beter? Zouden ze eigenlijk een jongste bediende nodig hebben?

Maar net als vroeger besloot ik me daar niets van aan te trekken. Het ging erom dat ik mee mocht doen. Maar ik moest me wel voorbereiden, want afgaan tegenover die oudere heren wilde ik natuurlijk niet. Op een mooie ochtend fietste ik naar de stad, werd een paar keer bijna omvergereden door een Amsterdamse onverlaat, trof Henk op de afgesproken plaats en liet me bij Perry een stevige wandelschoenen aanpraten. Daarna trakteerde ik Henk op een zoute haring, als dank voor het aangenaam verpozen en zo.

De schoenen had ik vast. Het is zoals de koopman zei: die binnenbennebennebinnen. Maar dat betekende ook dat het echte werk ging beginnen: wandelen! Ik deed mijn best, maar verder dan een rondje Amstelveense Poel van 50 minuten kwam het niet. Gelukkig moesten de ervaren leden van de Wandergruppe ook trainen, en dus togen we naar Driebergen. Daar leerde ik een wijze les: het is altijd verder dan je denkt. Ik was verleid om mee te gaan voor een tocht  van 20 kilometer, hetgeen meer was dan ik ooit had gelopen. Het werden er 27.  Ik was gewaarschuwd. Een week later protesteerden mijn spieren nog. Daarna volgde een tocht door de duinen, en dat beviel beter, wellicht omdat het minder ver was.

Ik was zeer voldaan.

Maar helaas. De volgende dag bleek de achillespees het begeven te hebben. Geen nood, om de hoek zit een fysiotherapeut. Ze was niet heel mooi, maar wel jong, en ze had stevige vingers. Toen ik opstond weigerde ze meer behandelingen. Ik had mijn voeten nog extra geparfumeerd, dus daar kon het niet aan liggen. Nee. Ik stond scheef, zei ze. Ik moest eerst steunzooltjes laten aanmeten, hetgeen ik, vol van verlangen naar de Saar-Hunsrück-Steig, per omgaande deed. Het werd passen en meten, en ik bezocht de fysiotherapeut nog een paar maal. Het ging er om spannen.

Twaalf dagen voor het vertrek was het uur van de waarheid. Henk was bereid om me nog één keer op sleeptouw te nemen, en we spraken af bij boerderij Meerzicht in het Amsterdamse Bos. Volgens het boekje een tocht van 17 kilometer. Indachtig de les die ik in Driebergen had geleerd, stelde ik voor om er nog een rondje om de Bosbaan aan toe te voegen. Ik wilde per se goed zijn voorbereid, ook op eventuele grensoverschrijdingen. We liepen die dag dus 22 kilometer, hadden een keer tien minuten pauze en wandelden 4 ½ uur. Daarna aten we pannenkoeken met spek, ieder twee.

Voor het slapen gaan luisterde ik naar Het Oog. Ik trof het, want mijn vriendin Mieke van der Weij was aan de beurt.  Met haar warme stemgeluid en de geruststellende wijze waarop ze het wereldleed behandelt, is het net alsof moeder Mieke mij instopt. ‘Het komt allemaal goed, jochie.’ Na Het Oog viel ik in slaap met een tevreden gevoel.  Het leven is mooi, ik ga naar het Saarland.

De volgende ochtend had ik voor de zekerheid een afspraak bij de fysiotherapeut staan. Ze was met vakantie, maar had me overgedragen aan haar vervangster. Wat een schoonheid. Had ik dat geweten… Maar aangezien ik nergens last van had dan van wat stijfheid die normaal is na zo’n inspanning, weigerde ze me aan te raken en ging ik nog even stijf naar huis. Klaar voor het grote gebeuren.

Dat ligt nu een week of drie achter ons. Ik ben niet misbruikt, en heb toch veel genoten, en ik kan iedereen aanraden op 9 november naar Bergen te komen, ter voorbereiding op de volgende tocht door het Saarland.

 

24 september 2013, Maarten J. Aalders